Kinderfysiotherapie begrippenlijst
Hieronder vind je een overzicht van veelvoorkomende begrippen binnen de kinderfysiotherapie. Deze lijst helpt ouders en verzorgers om beter te begrijpen wat bepaalde termen betekenen.
Aandachtsproblemen
Verminderde concentratie, soms gelinkt aan onder- of overprikkeling.Ademhalingsproblemen
Moeite met ademhalen tijdens spel of sport, vaak in combinatie met motoriek.Ademhalingsoefeningen
Technieken om kinderen beter te leren ademen tijdens inspanning.Asymmetrisch bewegen
Beweging waarbij één lichaamshelft duidelijk anders beweegt dan de andere.Behandeldoel
Een concreet doel binnen de therapie, bijvoorbeeld zelfstandig leren lopen.Bewegingsanalyse
Een observatie van hoe een kind beweegt, bijvoorbeeld tijdens spel.Bewegingsarmoede
Te weinig beweging, wat invloed heeft op motorische groei.Beweegadvies
Tips en oefeningen om kinderen meer en beter te laten bewegen.Billenschuiven
Een alternatieve manier van voortbewegen bij baby’s in plaats van kruipen.Coördinatie
De samenwerking tussen hersenen en spieren om vloeiend te bewegen.Diagnostiek motoriek
Het onderzoeken van de motorische vaardigheden van een kind.Evenwicht
Het vermogen om het lichaam in balans te houden tijdens beweging of stilstand.Fijne motoriek
Fijne, nauwkeurige bewegingen zoals knippen, kleuren en schrijven.Functionele oefeningen
Oefeningen die gericht zijn op bewegingen uit het dagelijks leven.Gibbus
Een gibbus in de rug is een plaatselijke, zichtbare bochel door een abnormale verkromming van de wervelkolom.Grove motoriek
Bewegingen met grote spiergroepen, zoals rennen, springen of klimmen.Houterig bewegen
Onhandige of stroeve bewegingen, vaak een signaal van motorische problemen.Houdingsafwijking
Bijvoorbeeld een scheve stand van de rug of ingezakte houding door spierzwakte of groei.Hypermobiliteit
Wanneer gewrichten overmatig soepel zijn, wat invloed kan hebben op de motoriek.Inspanningsastma
Benauwdheid of kortademigheid bij kinderen tijdens of na fysieke inspanning.Informatievoorziening ouders
Uitleg en tips aan ouders over wat zij thuis kunnen doen.Klachten bij schrijven
Moeite met de potloodgreep, coördinatie, onleesbaarheid van de letters of vermoeidheid in de hand bij schrijfactiviteiten.Kinderfysiotherapie
Specialistische fysiotherapie gericht op de motorische ontwikkeling van kinderen van 0 tot 18 jaar.Kinderfysiotherapie bij baby’s
Behandeling gericht op zuigelingen met bijvoorbeeld een voorkeurshouding of bij veel huilen.Kinderfysiotherapeut
Een fysiotherapeut met een aanvullende 3-jarige masteropleiding ‘Kinderfysiotherapie’.Klimmen
Een vorm van spel die motorische en sensorische vaardigheden stimuleert.Kruipen
Beweegvorm waarbij het kind zich voortbeweegt op handen en knieën, belangrijk voor de ontwikkeling.Leren fietsen
Een motorische mijlpaal waarbij balans en coördinatie centraal staan.Leren vallen
Veilig leren omgaan met valpartijen, vooral bij jonge of onzekere kinderen.Lichaamsbesef
Het vermogen om te voelen waar het eigen lichaam zich bevindt in de ruimte.Loopontwikkeling
De fase waarin kinderen leren lopen, vaak tussen 10 en 18 maanden.Motorisch leren
Het proces van het aanleren en verbeteren van bewegingen.Motorische ontwikkeling
De manier waarop een kind leert bewegen, van rollen tot lopen en fietsen.Motorische ontwikkelingsachterstand
Wanneer een kind later of anders ontwikkelt dan gemiddeld op motorisch vlak.
Multidisciplinaire samenwerking
Samenwerking met andere zorgverleners zoals een logopedist of ergotherapeut.Neuromotoriek
De verbinding tussen het zenuwstelsel en spieractiviteit bij beweging.Neurologische onrijpheid
Neurologische onrijpheid is een vertraagde of afwijkende ontwikkeling van het zenuwstelsel, waardoor functies zoals motoriek, gedrag of prikkelverwerking nog niet goed verlopen.Onderprikkeling
Wanneer prikkels minder sterk binnenkomen en een kind extra beweging zoekt.Ontwikkelingsstoornis
Verzamelnaam voor stoornissen in bijvoorbeeld motoriek, taal of gedrag.Ontwikkelingsvoorsprong
Wanneer een kind op bepaalde gebieden verder is dan leeftijdsgenootjes.Orthopedische klachten
Pijn of problemen in spieren, gewrichten of botten bij kinderen.Overprikkeling
Wanneer een kind te veel prikkels ervaart en hier heftig op reageert.Peuterfysiotherapie
Kinderfysiotherapie speciaal gericht op peuters van 1 tot 4 jaar.Proprioceptieve prikkels
Prikkels vanuit spieren en gewrichten die helpen bij lichaamsbesef.Prikkelverwerking
Hoe het zenuwstelsel prikkels uit de omgeving en het lichaam verwerkt.Preventieve screening
Vroegtijdige controle om motorische achterstand snel te signaleren.Rompstabiliteit
Kracht en controle van de romp, belangrijk als basis voor alle bewegingen.Scoliose
Scoliose bij kinderen is een (zijwaartse) kromming van de wervelkolom die vaak tijdens de groei ontstaat.Senso-motorische ontwikkeling
De koppeling tussen voelen, waarnemen en bewegen.Sensorische integratie
Het verwerken van prikkels uit de zintuigen zodat het lichaam goed kan reageren.Sensorisch profiel
De unieke manier waarop een kind prikkels verwerkt en reageert.Schoolbegeleiding
Afstemming met leerkrachten over de motoriek van het kind in de klas.Schoolrijpheid
De mate waarin een kind klaar is voor de basisschool, ook motorisch.Schrijfproblemen
Moeite met schrijfhouding, pengreep of leesbaarheid van het schrift.Sensomotoriek
De samenwerking tussen zintuigen en motoriek in het lichaam.Signalen bewegingsproblemen
Kenmerken waaraan ouders of leerkrachten motorische moeilijkheden kunnen herkennen.Spanning en ontspanning
De balans tussen activiteit en rust in het lichaam van een kind.Spanningsklachten
Lichamelijke klachten bij kinderen veroorzaakt door stress of overbelasting.Spelontwikkeling
De manier waarop spel zich ontwikkelt in relatie tot motoriek en sociale vaardigheden.Spelenderwijs oefenen
Oefenen via spel, zodat motorisch leren leuk en natuurlijk verloopt.Spierkrachttraining
Oefeningen gericht op het versterken van spieren bij kinderen.Tactiele prikkels
Prikkels via de huid, zoals aanraking of kleding.Tenenlopen
Wanneer een kind structureel op de tenen loopt in plaats van op de hele voet.Therapie aan huis
Kinderfysiotherapie die bij het gezin thuis wordt gegeven.Therapiespelletjes
Oefeningen in spelvorm die motoriek stimuleren zonder dat het als trainen voelt.Vestibulaire prikkels
Prikkels vanuit het evenwichtsorgaan, belangrijk bij draaien, springen of schommelen.Voorkeurshouding
Wanneer een baby steeds naar één kant kijkt of ligt.Zelfvertrouwen in bewegen
Het geloof van een kind in wat het lichamelijk kan.